Ontwikkeling en vertrouwen van kinderen onder druk door conflicten tussen ouders en overheid

Het heeft grote gevolgen voor kinderen wanneer hun ouders in conflict zijn met de overheid. Hun welzijn staat onder druk door de dagelijks zorgen die hun ouders hebben over het conflict.  Ouders zijn minder beschikbaar en ervaren stress, kinderen kunnen zich minder goed concentreren op school en ze hebben zorgen over de toekomst. Dat blijkt uit het rapport 'Waar ik bij ben' dat de Kinderombudsman vandaag heeft uitgebracht.

Ouders en kinderen staan te demonstreren. Je ziet een bord met de tekst: Help de kinderen!

De afgelopen jaren kwamen er veel conflicten tussen burgers en de overheid aan het licht. Zoals de toeslagenaffaire, de gezondheidssituatie rond Tata Steel of de afhandeling van de schade aan huizen door de watersnood in Limburg. Kinderen zijn niet direct partij in de conflicten maar de impact op hen is groot.

De band met mijn ouders was wel minder. Ik had minder contact met ze. Door de stress kwamen ze in een burn-out, toen waren ze nog minder beschikbaar.
- Malika*, 18 jaar, kinderopvangtoeslagaffaire

Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer: "De ervaringen van de kinderen die wij gesproken hebben, zijn duidelijk. Ze ervaren veel stress door het conflict. Ik vind het heel zorgelijk dat deze kinderen aangeven dat hun vertrouwen in de overheid daalt. Kinderen zien een harde overheid die hun ouders niet helpt."

Overheidsinstanties die betrokken zijn bij zo'n conflict moeten de impact ervan op kinderen erkennen. En er alles aan doen om te zorgen dat kinderen hiervan geen schadelijke effecten ondervinden. De overheid moet kinderen een volwaardige plaats geven in het beleid. Zowel tijdens het conflict als bij het herstel. Daarvoor moeten ze zelf kinderen opzoeken en voorzien van eerlijke en duidelijke informatie.

De mensen van de provincie hebben nooit met ons gesproken. De gemeente praat ook niet met ons. Aan onze ouders wordt ook niet gevraagd hoe het voor ons is, niet dat ik weet. Het gaat altijd over het huis en wat er aan gedaan kan worden. 
- Julia*, 11 jaar, verzakkingen kanaal Almelo-De Haandrik

Kalverboer: "Kinderen zelf weten vaak niet wat hun rechten zijn. Ze weten ook niet hoe ze voor hun rechten kunnen opkomen. Ook bij de overheid ontbreekt het aan kennis over de implicaties van het Kinderrechtenverdrag voor hun handelen. De belangen van de betrokken kinderen moeten altijd worden onderzocht en meegewogen."

Het meewegen van de belangen van kinderen is een taak voor de rijksoverheid, de provincies en gemeentes. Maar er ligt ook een opdracht voor scholen om kinderen lessen te geven over hun rechten. De Kinderombudsman roept scholen daarom op om kinderrechteneducatie een structurele plek te geven in de burgerschapslessen. Zo zijn kinderen beter op de hoogte van hun rechten en kunnen ze ook zelf zorgen dat hun rechten worden nageleefd.

Mijn belangrijkste boodschap aan de overheid? Het besef dat er wel degelijk kinderen zijn die het vertrouwen helemaal kwijtraken. Die een totale aversie ontwikkelen tegen overheidsinstanties. En daardoor moeilijk meekomen in de maatschappij.
- Teun*, 24 jaar, kinderopvangtoeslagaffaire

Het vertrouwen van kinderen in de overheid lijkt te herstellen als het conflict wordt opgelost. Bijvoorbeeld als de overheidsinstantie toegeeft een fout te hebben gemaakt of als de overheidsinstantie met kinderen zelf praat.

*Malika, Julia en Teun zijn niet de echte namen van de geïnterviewden. 

Lees het rapport 'Waar ik bij ben'
Lees meer over kinderrechten