Wat heeft de Kinderombudsman gedaan

Om beter te begrijpen hoe lhbtiqa+-kinderen in Nederland opgroeien is de Kinderombudsman in gesprek gegaan met 17 lhbtiqa+-kinderen. We spraken over zeven onderwerpen die belangrijk zijn voor de ontwikkeling van álle kinderen. Het gaat dan om: 

  1. De identiteit van kinderen;
  2. De kwetsbaarheid van kinderen;
  3. De veiligheid en bescherming van kinderen;
  4. De gezinsomgeving en andere belangrijke contacten voor kinderen;
  5. Het recht op onderwijs;
  6. Het recht op gezondheid, en;
  7. Het recht op participatie van kinderen.  

We ​​spraken​​ ook​ ​met 12 belangenorganisaties die veel contact hebben met lhbtiqa+-kinderen. Zij weten waar deze kinderen dagelijks tegenaan lopen. ​Daarnaast ​bekeken​ ​​​we ​recent onderzoek, al ​​gaat​​​​ dit meestal over lhbtiqa+-volwassenen. 

Verborgen in het volle zicht

De ervaringen van de kinderen zijn indringend en schrijnend. Ze ervaren vaak een grote mate van onveiligheid in hun leven, waarbij ze ook niet genoeg worden beschermd. Dit speelt zowel op school, in hun vrije tijd als op straat. De Rijksoverheid, gemeenten en maatschappelijke organisaties doen veel om de positie van lhbtiqa+-personen te verbeteren. Toch komen deze positieve stappen door maatschappelijke ontwikkelingen onder druk te staan. Voor kinderen en jongeren uit deze groep is die druk extra zwaar. 

Oproep 

De Kinderombudsman doet een aantal aanbevelingen in een brandbrief aan de Vaste Kamercommissie voor OCW. Het gaat dan onder andere om het vergroten van de kennis en handvatten voor professionals om met lhbtiqa+-kinderen een open gesprek te voeren over hun ontwikkeling en vragen daarbij. Maar ook om het creëren van meer bewustzijn bij professionals. Specifiek voor transgenderkinderen vraagt de Kinderombudsman aandacht voor tijdige (medische) hulp en ondersteuning.