Jeugdbescherming Brabant moest kritischer kijken naar handelingen van pleegzorgorganisatie
Elin (niet de echte naam) haar moeder is overleden. Daarna gaf Elin haar vader aan dat hij niet meer voor haar kon zorgen. Elin woonde daarom bij haar oom en tante (de zus van haar moeder) in België. De pleegzorgorganisatie had een contract met de oom en tante gesloten. Maar de pleegzorgorganisatie beëindigde het pleegzorgcontract met de oom en tante omdat zij vond dat er samenwerkingsproblemen waren. Daarna haalde Jeugdbescherming Brabant (hierna: JBB) Elin weg bij haar oom en tante. JBB heeft Elin toen in een pleeggezin in Breda geplaatst.
De oom en tante zijn het niet eens met de manier waarop het besluit van JBB om Elin bij hen weg te halen tot stand is gekomen. Zij vonden het onterecht dat JBB het stopzetten van de pleegzorgbegeleiding van de pleegzorgorganisatie zonder schriftelijke onderbouwing accepteerde. Verder vinden zij dat JBB zich onvoldoende inspande om te komen tot een andere oplossing. Daarmee handelde JBB volgens hen niet in het belang van Elin en in strijd met een eerder advies van de voogd en de uitspraak van de rechter.
De Kinderombudsman onderzocht de klacht van de oom en tante. De Kinderombudsman sprak hiervoor met de oom, de tante en hun vertrouwenspersoon. Ook stelde de Kinderombudsman vragen aan JBB. Daarna beoordeelde de Kinderombudsman hoe JBB is omgegaan met de kinderrechten van Elin.
Wat vindt de Kinderombudsman
De Kinderombudsman vindt dat de oom en tante gelijk hebben met hun klacht en dat JBB niet goed is omgegaan met de kinderrechten van Elin.
De Kinderombudsman vindt dat JBB met de pleegzorgorganisatie in gesprek had moeten gaan om te bespreken of zij zich hield aan de regels om het pleegzorgcontract te mogen beëindigen. Daarnaast vindt de Kinderombudsman dat JBB zelf had moeten onderzoeken of het mogelijk was om een andere pleegzorgorganisatie te betrekken. Omdat JBB dit niet heeft gedaan, is er niet goed genoeg gezocht naar een oplossing waarbij Elin bij haar oom en tante kon blijven wonen. Daardoor is er te weinig rekening gehouden met Elins rechten.
Verder bleek tijdens het onderzoek van de Kinderombudsman dat JBB al twee dagen voor de zitting bij de rechter wist dat de pleegzorginstelling het pleegzorgcontract zou gaan beëindigen. JBB heeft de pleegzorginstelling er niet op gewezen dat de informatie over beëindiging van het pleegzorgcontract met spoed met de oom, tante en rechter had moeten worden gedeeld. De Kinderombudsman vindt dat JBB dat wel had moeten doen.
Aanbevelingen
De Kinderombudsman geeft JBB een paar aanbevelingen zodat zij voortaan beter in lijn met kinderrechten kan handelen. De Kinderombudsman raadt JBB aan om bij het besluit om een kind uit een (pleeg)gezin weg te halen altijd bewust aan kinderrechten te toetsen. Daarbij moet JBB als er twijfel is of een pleegzorgorganisatie zich aan de regels houdt, daarover in gesprek gaan met die organisatie. Ook moet JBB zelf zoeken naar oplossingen waardoor een (pleeg)kind bij familie kan blijven wonen. Tot slot moet JBB een pleegzorgorganisatie aanspreken als die niet alle belangrijke informatie deelt voor een zitting bij de rechter.