Artikel 17: Toegang tot informatie
Verdragstekst
Kinderen moeten toegang hebben tot informatie en materiaal uit nationale en internationale bronnen. Daarover zijn de landen die het Kinderrechtenverdrag hebben ondertekend het eens. In het bijzonder gaat het om bronnen die het sociale, geestelijke en zedelijke welzijn en de gezondheid van kinderen verbeteren. De massamedia hebben daarbij een belangrijke functie. Daarom moeten deze landen:
- de massamedia aanmoedigen om informatie en materiaal te verspreiden die sociaal en cultureel nuttig zijn voor het kind, en die in overeenstemming zijn met wat staat in artikel 29: Doel van het onderwijs;
- internationale samenwerking aanmoedigen om informatie en materiaal uit allerlei culturele, nationale en internationale bronnen te maken, uit te wisselen en te verspreiden;
- mensen aanmoedigen om kinderboeken te maken en verspreiden;
- de massamedia aanmoedigen om rekening te houden met de taalbehoeften van kinderen die tot een minderheid of een oorspronkelijke bevolking behoren;
- organisaties aanmoedigen om richtlijnen te ontwikkelen die kinderen beschermen tegen informatie en materialen die schadelijk zijn voor hen of hun welzijn, met daarbij in gedachte wat staat in artikel 13: Vrijheid van meningsuiting en artikel 18: Verantwoordelijkheid van de ouders.
Kern
Kinderen hebben recht op informatie uit verschillende bronnen. Het gaat dan vooral om informatie om hun welzijn, gezondheid en ontwikkeling te verbeteren.
Toelichting
Kinderen hebben recht of informatie die ze begrijpen en die goed is voor hun welzijn, gezondheid en ontwikkeling. Ze moeten daarom weten waar ze betrouwbare informatie vinden over onderwerpen die hen bezighouden bij het opgroeien, zoals informatie over ouders, opvoeden, vriendschappen, omgangsvormen, verliefdheid, seks en drugs. Of over de eerste menstruatie en wat je moet weten over intimiteit, zwangerschap, geslachtsziekten en voorbehoedsmiddelen. Of iets praktisch zoals verkeersregels als kinderen zelfstandig naar school gaan. Ook informatie over de wereld waarin zij leven is belangrijk voor kinderen, iets wat bijvoorbeeld kinderkranten of het NOS Jeugdjournaal op een voor hen begrijpelijke manier bieden.
De rol van de overheid
De overheid moet het maken en verspreiden van informatie voor kinderen stimuleren, maar tegelijk moet de overheid hen beschermen tegen informatie die niet goed voor hen is. Dat laatste doet zij bijvoorbeeld met Kijkwijzer, een organisatie die informatie geeft over tot welke leeftijd tv-programma’s en films schadelijk kunnen zijn voor kinderen.
De overheid moet ervoor zorgen dat informatie ook toegankelijk is voor kinderen die thuis geen Nederlands spreken of die uit een niet-Nederlandse cultuur komen.
Andere kinderrechten
Het recht op informatie hangt samen met artikel 13: Vrijheid van meningsuiting, artikel 18: Verantwoordelijkheid van de ouders, en artikel 29: Doel van het onderwijs.