Artikel 15: Vrijheid van samenkomen en vereniging
Verdragstekst
1.
Kinderen hebben het recht om ongestoord samen te komen en om lid te zijn van een vereniging. Daarover zijn de landen die het Kinderrechtenverdrag hebben ondertekend het eens.
2.
De rechten die in punt 1 staan, kunnen alleen worden beperkt als die beperkingen in de wet staan. En als die in een democratische samenleving nodig zijn voor de veiligheid, de openbare orde, de volksgezondheid of wat hoort volgens de normen van goed gedrag. Of als die nodig zijn om de rechten en vrijheden van anderen te beschermen.
Kern
Kinderen hebben het recht om bij elkaar te komen en om lid te zijn van een vereniging.
Toelichting
Kinderen mogen ongestoord samenkomen. En ze mogen lid worden van een vereniging en zelf een vereniging oprichten. Zij zijn dus vrij om bijvoorbeeld een jongerenraad op te richten in de buurt, op school of in een jeugdhulpinstelling. Of een sportvereniging zoals een voetbalclub of culturele vereniging zoals een toneelgroep. Als een samenkomst of vereniging nadelig is voor anderen, dan kan dit recht worden beperkt.