Thuiszitters: kinderen die niet naar school gaan

Mira (8) zit op een reguliere school. Ze heeft ondersteuning nodig, maar haar ouders komen er met de school niet uit over wat Mira precies nodig heeft. Daardoor gaat zij nu niet naar school.

Meisje zit achter een bureau, ze houdt een brief in de hand

Waarom gaat Mira niet naar school?

Mira heeft speciale hulp nodig op school. Alleen zijn de ouders en de school het niet met elkaar eens over wat die hulp precies moet zijn. Het gevolg is dat Mira niet naar school gaat. Ze is daardoor nu een zogenoemde thuiszitter. En Mira is niet de enige thuiszitter. Veel kinderen dreigen uit te vallen doordat zij op school niet de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben, of doordat ze om een andere reden niet naar school kunnen.

Wat zijn thuiszitters?

Kinderen tussen de 5 en 16 zijn verplicht om naar school te gaan. Dat heet de leerplicht. Kinderen kunnen vrijstelling krijgen van die leerplicht, zodat ze niet naar school hoeven. Een vrijstelling krijg je bijvoorbeeld als een kind heel erg ziek is of in het buitenland naar school gaat. Of als er geen school in de omgeving is die past bij je geloof. Maar alle andere kinderen moeten dus wel naar school. Alleen kunnen of willen ze dat niet altijd. Bijvoorbeeld omdat ze erg gepest worden op school of omdat ze daar niet de zorg krijgen die ze nodig hebben. Of omdat de ouders het niet eens zijn met hoe de school het aanpakt, zoals de ouders van Mira. Kinderen zitten daardoor vaak noodgedwongen voor een langere tijd thuis. En gaan soms helemaal niet meer naar school.

Onderwijs is een recht en naar school gaan is nodig

Onderwijs is niet alleen een plicht, maar ook een recht: ieder kind heeft recht op onderwijs. Dus ook kinderen die thuiszitten, zoals Mira. Het maakt dan niet uit of je nu wel of geen vrijstelling van de leerplicht hebt. De Kinderombudsman maakt zich zorgen over kinderen die thuiszitten. Niet alleen omdat zij vaak geen onderwijs krijgen, maar ook omdat zij hun leven een stuk minder leuk vinden dan kinderen die wel naar school gaan. Thuiszitters gaven in een onderzoek hun leven gemiddeld een 4,5, terwijl schoolgaande kinderen hun leven een 8 gaven.

Er wordt van alles gedaan om thuiszitters weer naar school te krijgen, maar dat lijkt niet te werken. Wat in ieder geval zou helpen, is als er voldoende hulp in de klas zou zijn, zodat kinderen die dat nodig hebben extra zorg krijgen. Er zou ook altijd gekeken moeten worden naar wat het beste besluit voor het kind is: wat heeft een kind nodig en hoe zorg je daarvoor?

Standpunt van de Kinderombudsman

Leerplicht moet leerrecht worden, want alle kinderen hebben recht op onderwijs. Dat onderwijs moet aansluiten bij wat het kind nodig heeft en bij wat het kind kan. Daarover gaan deze artikelen in het Kinderrechtenverdrag: artikel 28 en artikel 29.

Wat kun je doen als ouders?

Heb je een kind dat niet naar school kan of wil? Neem dan contact op met een onderwijsconsulent. Consulenten geven bijvoorbeeld advies over passend onderwijs of helpen je dat te vinden. Kom je er niet uit met de school of stuurt de school je kind weg? Stap dan naar de Geschillencommissie passend onderwijs. Ook de Kinderombudsman kan je helpen.