Mijn kind wordt gepest, wat nu?

Nora (15) wordt op school gepest. Het begon met wat vervelende opmerkingen en ging toen van kwaad tot erger. Ook online werd ze niet meer met rust gelaten. Maar wat is pesten, wie doet het en wat kun je ertegen doen?

Meisje zit op de grond in haar kamer, telefoon in hand

Nora is een van velen

Er zijn helaas veel kinderen zoals Nora. Uit het niets, zo lijkt het, worden ze slachtoffer van pestgedrag. En dat gedrag kan heel lang doorgaan. Kinderen kunnen veel last hebben van pesten. Dat is ook zo voor Nora. Soms wordt het haar te veel en weet ze niet meer wat ze moet doen. Ze trekt zich dan terug in zichzelf en is heel bang. En ook kan ze boos zijn op iemand die er helemaal niets mee te maken heeft.

Wat is pesten eigenlijk?

Pesten is iemand expres gemeen behandelen. Een kind of groep kinderen kan bijvoorbeeld een ander kind steeds weer en voor langere tijd uitsluiten, vernederen, achterstellen, bedreigen of belachelijk maken. Vaak is dat om hun uiterlijk, hun kleren of hoe ze zich gedragen. Maar het kan ook gaan om iets wat een kind anders maakt dan andere kinderen, bijvoorbeeld een lichamelijke beperking (handicap) of seksuele voorkeur. Dan is pesten ook discriminatie. Pesten gebeurt ook online (cyberpesten of online pesten), zoals in sociale media. De gevolgen zijn dan misschien nog groter, want iedereen kan op internet. En ouders weten vaak niet wat hun kinderen online doen. Daardoor kunnen ze hen minder goed beschermen tegen online pesten.

Pesten komt vaker voor als de sfeer in een groep niet veilig is. Of als de kinderen in de groep elkaar niet goed kennen. Ook kan het zijn dat die kinderen maar weinig vertrouwen hebben in elkaar. En ook komt het voor dat ze pesten heel normaal vinden.

Pesten is dus geen plagen, want bij plagen wil je iemand op een speelse manier prikkelen zonder gemeen te zijn. Maar wat de een plagen vindt, kan de ander als pesten ervaren. Plagen kan daarom zomaar overgaan in pesten.

Waarom pesten kinderen?

Kinderen die iemand pesten kunnen status krijgen in de groep, dus de groep kan hen belangrijker gaan vinden. Daarom pesten zij vaak iemand als er andere kinderen bij zijn. Maar in een groep kun je ook status krijgen door juist voor iemand op te komen die wordt gepest. Het zou dan ook goed zijn als kinderen anders tegen pesten aankijken. Kinderen moeten juist status krijgen als ze opkomen voor een gepest kind, niet als zijzelf de pesters zijn.

Kinderen die worden gepest, hebben daar veel nadeel van. Nu, maar ook in de toekomst. Ze vinden daarom dat er meer moet worden gedaan tegen pestkoppen. En ze vinden het belangrijk dat andere kinderen weten hoe het voelt om gepest te worden.

Standpunt van de Kinderombudsman

Pesten gebeurt lang niet altijd alleen op school, maar overal waar kinderen zijn. Dus ook bij het sporten en spelen en online. Daarom moet iedereen ook iets doen tegen pestgedrag: scholen, sportclubs, verenigingen, ouders én kinderen zelf. Het is belangrijk om te praten over pesten en om kinderen die gepest worden, te ondersteunen. In het Kinderrechtenverdrag staan vijf artikelen die hiermee te maken hebben: artikel 2, artikel 19, artikel 23, artikel 30 en artikel 39.[Interne links maken naar deze artikelen in begrijpelijke taal.]

Wat kun je doen als ouders?

Praat met je kinderen over pesten. Doe dat ook als het jouw kind is dat pest. Praat er ook over met de volwassenen op de plek waar wordt gepest, bijvoorbeeld met een leraar op school of een trainer op de sportclub. Meer informatie vind je op stoppestennu.nl. Je kunt natuurlijk ook contact opnemen met de Kinderombudsman.

Leest ook het hele verhaal van Nora